Eerste kolom
lidw zelfst.nw bijv.nw bijw voornaamw telw werkw voorz voegw part woordvorming
  Zinsleer
direct naar: Grammatica    Woordleer    Zinsleer
werkwoord naamvallen lidw zelfst nw bijv nw voornaamw telw bijw voorz voegw part woordvolgorde diversen
zinsdeel enkelv zin sameng zin hoofdzin vraagzin bijvoeglijke/betrekkelijke bijzin complementszin bijwoordelijke bijzin
Grammatica//Synt/SyntBijz/SyntBijzBetr1


Bijvoeglijke bijzin = Betrekkelijke bijzin

in het Nederlands


Betrekkelijke (bijvoeglijke) bijzinnen vervullen de functie van een bijvoeglijke bepaling in de hoofdzin.

Vergelijk: 'de auto die rood is' en 'de rode auto'. De woorden 'die rood is' en 'rode' zijn allebei bijvoeglijke bepalingen, dat wil zeggen ze geven informatie over 'de auto'.

Nb. 'die rood is' en 'rode' zijn als zinsdeel bijvoeglijke bepalingen, 'rood' en 'rode' zijn als woordsoort bijvoeglijke naamwoorden.
Nb. In de bijzin 'die rood is' is 'rood' het naamwoordelijk (deel van het) gezegde.

Betrekkelijke (bijvoeglijke) bijzinnen worden ingeleid door:
- een betrekkelijk voornaamwoord: die, dat, van wie, waarvan, waarbij ed

die de vrouw die gisteren langs kwam, is Anna's tante.
dat het meisje dat je zag, is mijn vriendin.
waarover het meisje waarover ik het met je had, is gisteren getrouwd.
van wie de kinderen van wie de vader ziek is, wonen aan de overkant.


- een betrekkelijk bijwoord: waar, zoals, evenveel als, zoveel als, hoe ... des te, of

waar het dorp waar ik woon, is niet groot.
zoals hoe ouder hij wordt, des te meer praatjes krijgt hij.
zoveel als de tuin heeft zoveel tulpen, als ik van mijn leven nog niet gezien heb.
zoals ik heb de soep gemaakt, zoals je het me gezegd hebt.


- een onbepaald betrekkelijk voornaamwoord: waar ook maar, als welke, wie ook maar

wie ook maar wie er ook komt, zeg maar dat ik niet thuis ben.
al wie al wie bankbiljetten namaakt, wordt bestraft.


- een onbepaald betrekkelijk bijwoord: waar ook maar, wanneer ook maar

waar ook maar waar hij ook woont, maakt hij vrienden.
wanneer ook maar kom langs, wanneer je maar wilt.

 

Vergelijk de zinnen:
- Jan's auto, die rood is, staat fout geparkeerd.
- Jan's auto die rood is, staat fout geparkeerd.
De eerste zin zegt dat Jan een auto heeft en dat die fout geparkeerd staat; ten overvloede is vemeld dat de auto rood is.
De tweede zin doet vermoeden dat Jan meerdere auto's heeft. En ervan, de rode, staat fout geparkeerd.
De eerste zin heet een uitbreidende betrekkelijke bijzin.
De tweede zin heet een beperkende betrekkelijke bijzin.
In de eerste zin wordt de bijzin voorafgegaan door een komma.
in de tweede zin wordt de bijzin niet voorafgegaan door een komma.

 

uitbreidende bijzin tante Katina, die verpleegster is, komt morgen.
beperkende bijzin de kinderen die beneden op straat spelen, zijn Griekse kinderen.

 

Het betrekkelijk voornaamwoord kan in de bijzin de volgende functies vervullen:
- onderwerp
- lijdend voorwerp
- meewerkend voorwerp
- bijvoeglijke bepaling
- bijwoordelijke bepaling

    toelichting
onderwerp de vrouw die gisteren langskwam, is Anna's tante. Anna's tante kwam gisteren langs.
lijdend voorw. eet zoveel je wilt. je wilt een voedzame maaltijd.
meewerkend voorw. de student aan wie hij he boek gaf, is naar huis. hij gaf hem het boek.
naamwoordelijk deel van het gezegde van de sterke man die hij ooit was, is weinig over. hij was sterk.
bijvoeglijke bep. de student van wie het beschadigd is, is naar huis. het boek van de student is beschadigd.
bijwoordelijke bep. de fiets, waarmee hij kwam, is gestolen. hij kwam met de fiets.

 

De betrekkelijke bijzin kan binnen de zin ook een zelfstandig geheel zijn zonder dat verwezen wordt naar een expliciet genoemd antecedent.
De zin heeft dan een ingesloten antecedent. Deze situatie treedt alleen op bij de onbepaalde voornaamwoorden.
Men spreekt dan van een betrekkelijke bijzin met ingesloten antecedent.
In de strikte betekenis van het woord is een 'betrekkelijke bijzin met ingesloten antecendent' geen betrekkelijke bijzin meer (het voornaamwoord heeft niet meer betrekking op een woord uit de hoofdzin), maar een zogenaamde complementszin.
De betrekkelijke bijzin met ingesloten antecedent kan als geheel de volgende functies vervullen:
- onderwerp
- lijdend voorwerp
- meewerkend voorwerp
- bijvoeglijke bepaling
- bijwoordelijke bepaling

    toelichting
onderwerp wie de aanrijding heeft veroorzaakt, is onbekend. de dader is onbekend.
lijdend voorw. wie te laat komt, laten we niet meer binnen. hem laten we niet meer binnen.
meewerkend voorw. wie het nu nog niet begrijpt, zal ik het nog n keer uitleggen. ik zal het jou nog n keer uitleggen.
naamwoordelijk deel van het gezegde hij is uiteindelijk geworden wat hij altijd gewild had. hij is uiteindelijk bakker geworden.
bijvoeglijke bep. de conditie van wie net ziek is geweest, zal niet zo goed zijn. de conditie van de net herstelde patint is niet zo goed.
bijwoordelijke bep. waar nog geen bordje 'gereserveerd'ligt, kun je probleemloos gaan zitten. op een niet gereserveerde plaats kun je probleemloos gaan zitten.

Nb. In het Nederlands zie we een verschuiving van het gebruik van betrekkelijke vornaamwoorden als 'aan wie', 'dewelke', 'wier', 'wiens' en dergelijke naar voornaamwoorden als 'die' en 'dat'. Bijvoorbeeld:

 

de vrouw aan wie ik het gegeven heb, ... die vrouw die ik het gegeven heb, ....
de vrouw wier man is overleden, ... de vrouw die d'r man is overleden, ...
de man, wiens vrouw is weggelopen, ... de man die z'n vrouw is weggelopen, ...
de reden waarom ik weggegaan ben, is ... de reden dat ik weggegaan ben, is ...

 

 


Auteursrecht voorbehouden. Zie pagina Copyright


Betekenis:
Betekenisleer

l

Zin:
Zinsleer

l

Woord:
Woordleer

l

Letter:
Alfabet

l

Klank:
Uitspraak

     

*

*

*

*

   

+

+

 

De bovenstaande zwarte sterren geven van elke pagina het niveau aan.

1 ster: cursusniveau
2 sterren: schoolniveau
3 sterren: studieniveau
4 sterren: gevorderd studieniveau

1 plus: beschouwing
2 plussen: overzicht

Alle onderwerpen worden in ieder geval op niveau 1 aan de orde.
Een zwart naar boven wijzend driehoekje geeft aan dat een onderwerp ook op een hoger niveau aan de orde komt.

De zwarte naar links en rechts wijzende gesloten driehoekjes in het midden van het scherm zijn links naar de volgende pagina van hetzelfde onderwerp op hetzelfde niveau.

Teksten met een gestippelde onderstreping zijn links en/of tooltips.

In het geval van een link wijzigt tevens de achtergrondkleur.