Eerste kolom
lidw zelfst.nw bijv.nw bijw voornaamw telw werkw voorz voegw part woordvorming
Syntaxis
direct naar: Grammatica    Morfologie    Syntaxis
werkwoord naamvallen lidw zelfst nw bijv nw voornaamw telw bijw voorz voegw part woordvolgorde diversen
zinsdeel enkelv zin sameng zin hoofdzin vraagzin bijvoeglijke/betrekkelijke bijzin complementszin bijwoordelijke bijzin
Grammatica//Synt/SyntZin3Same


Samengestelde zin


Een samengestelde zin is een zin die meer dan één persoonsvorm bevat.
Samengestelde zin: hij koopt een ring omdat zij een broche verkoopt.

 Soms bevat een samengestelde zin slechts één persoonsvorm ten gevolge van samentrekking.

Samengetrokken samengestelde zin met twee persoonsvormen:
hij koopt een ring en verkoopt een broche.
Samengetrokken samengestelde zin met één persoonsvorm:
hij koopt een ring en een broche.
Jan en Maria kopen een ring.
ο Πέτρος και ο Σταύρος είναι πλούσιοι. Petros en Stavros zijn rijk.

Samengestelde zinnen bevatten een voegwoord, voornaamwoord of bijwoord dat de twee zinnen verbindt.

hij koopt een ring omdat zij een broche verkoopt .
hij koopt een ring en verkoopt een broche.
hij koopt een ring maar geen broche.
ο Πέτρος και ο Σταύρος είναι πλούσιοι. Petros en Stavros zijn rijk.

Deze verbinding kan nevenschikkend of onderschikkend zijn.

Bij nevenschikking spelen de twee zinnen grammaticaal een gelijkwaardige rol. Dat betekent dat de twee zinsdelen verwisseld kunnen worden zonder dat volgorde van de woorden verder nog moet worden aangepast. Soms wordt de betekenis van de zin echter wel geweld aan gedaan.

hij koopt een ring en zij verkoopt een broche.
zij verkoopt een broche en hij koopt een ring.
hij verkoopt een broche en koopt een ring.
hij koopt een ring en verkoopt een broche.
hij koopt een broche maar geen ring.
hij koopt een ring maar geen broche.
Jan en Maria kopen een ring.
Maria en Jan kopen een ring.
Hij ging schaatsen en zakte door het ijs.
Hij zakte door het ijs en ging schaatsen.
ο Πέτρος και ο Σταύρος είναι πλούσιοι. Petros en Stavros zijn rijk.

De Nederlandse nevenschikkende voegwoorden zijn: en, maar, doch, of, want, noch, hetzij.
De Griekse nevenschikkende voegwoorden zijn: και, αλλά, ή, ούτε, μη, είτε

Bij onderschikking spelen de twee zinnen geen gelijkwaardige rol. Dat betekent dat de betekenis verandert wanneer de twee zinsdelen verwisseld worden.

omdat het regent, neemt hij een paraplu mee.
omdat hij een paraplu meeneemt, regent het.

De zin die zonder gevolgen voor de woordvolgorde weggelaten kan worden danwel vervangen kan worden door één woord, heet de bijzin.
De zin die overblijft, heet de hoofdzin.

omdat het regent, neemt hij een paraplu mee.
vandaag neemt hij een paraplu mee.
φαίνεται ότι θα βρέξει.
ρωτούσε τι θέλουμε
het lijkt erop dat het gaat regenen.
hij vroeg wat wij willen.

 

 


© Auteursrecht voorbehouden. Zie pagina Copyright


Betekenis:
Semantiek

l
Fonologie
     

*

*

*

*

   

+

+

 

De bovenstaande zwarte sterren geven van elke pagina het niveau aan.

1 ster: cursusniveau
2 sterren: schoolniveau
3 sterren: studieniveau
4 sterren: gevorderd studieniveau

1 plus: beschouwing
2 plussen: overzicht

Alle onderwerpen worden in ieder geval op niveau 1 aan de orde.
Een zwart naar boven wijzend driehoekje geeft aan dat een onderwerp ook op een hoger niveau aan de orde komt.

De zwarte naar links en rechts wijzende gesloten driehoekjes in het midden van het scherm zijn links naar de volgende pagina van hetzelfde onderwerp op hetzelfde niveau.

Teksten met een gestippelde onderstreping zijn links en/of tooltips.

In het geval van een link wijzigt tevens de achtergrondkleur.