zinsdeel enkelv zin sameng zin hoofdzin vraagzin bijvoeglijke/betrekkelijke bijzin complementszin bijwoordelijke bijzin
werkwoord naamvallen lidw zelfst nw bijv nw voornaamw telw bijw voorz voegw part woordvolgorde diversen
Morfologie
direct naar: Grammatica    Morfologie    Syntaxis
lidw zelfst.nw bijv.nw bijw voornaamw telw werkw voorz voegw part woordvorming
Grammatica//Morf3


Morfologie


De morfologie, woordleer of vormleer beschrijft de interne grammaticale structuur van woorden (terwijl de syntaxis de externe structuur beschrijft).

Intern wil zeggen dat de morfologie woorden en vormen op zich bestudeert, namelijk als losstaande entiteiten, zonder verdere aandacht voor het grotere geheel (de zin of het betoog) waarvan zij de bouwstenen vormen.

Het Grieks is een taal met een opmerkelijke rijkdom aan vormen, waarvan sommige zeer gebruikelijk zijn en andere slechts sporadisch gebruikt worden.

Daarnaast kunnen door woordvorming nieuwe woorden gemaakt worden. Hoe alle vormen in de zin gebruikt worden, komt aan bod in de syntaxis.

De woorden van het Grieks kunnen in twee groepen verdeeld worden.

De ene groep omvat al die woorden die niet van vorm veranderen ongeacht het feit of ze betrekking hebben op een begrip dat iets enkelvoudigs of meervoudigs aanduidt.')

De andere groep omvat de woorden die (onder meer) afhankelijk van het feit of ze betrekking hebben op een enkelvoudig begrip of op een meervoudig begrip, een andere vorm aannemen.

Bij werkwoorden heet deze vormverandering vervoeging.

Bij de overige woordsoorten heet dit verbuiging (declinatie). Deze groep omvat de naamwoorden (zelfstandig naamwoorden, bijvoeglijke naamwoorden enz.) en de lidwoorden.

De naamgeving van de grammatica-onderdelen in het Nederlands en het Grieks verschilt:  waar in het Nederlands gesproken wordt over Morfologie, spreekt het Grieks over Γραμματική.

De Griekse indeling in woordsoorten stemt niet geheel en al overeen met de indeling die het Nederlands hanteert. De volgende woordsoorten onderscheiden.

1. met verbuiging voorbeeld
  a) lidwoorden de
  b) zelfstandig naamwoorden straat
  c) bijvoeglijke naamwoorden mooi
  d) persoonlijke voornaamwoorden wij
  e) bezittelijke voornaamwoorden  onze
  g) aanwijzende voornaamwoorden die
  h) vragende voornaamwoorden wie
  i) betrekkelijke voornaamwoorden welke
  j) onbepaalde voornaamwoorden men
  l) wederkerig voornaamwoord elkaar
  f) wederkerend voornaamwoord zich
  l) telwoorden vier
2.  werkwoorden werken
3.  niet verbogen of vervoegde woordsoorten
  a) bijwoorden altijd
  b) voorzetsels van
  b) voegwoorden omdat
  c) tussenwerpsels eh
  d) partikels ")

') Natuurlijk zijn er op deze regel enkele uitzonderingen. Zo zijn er bijvoorbeeld zelfstandige en bijvoeglijke naamwoorden die niet verbogen worden.
") Het Nederlands kent geen aparte woordsoort partikels.

 


Auteursrecht voorbehouden. Zie pagina Copyright
 
 

Betekenis:
Semantiek

l

Zin:
Syntaxis

l

Woord:
Morfologie

l

Letter:
Alfabet

l

Klank:
Uitspraak

     

*

*

*

*

   

+

+

De bovenstaande zwarte sterren geven van elke pagina het niveau aan.

1 ster: cursusniveau
2 sterren: schoolniveau
3 sterren: studieniveau
4 sterren: gevorderd studieniveau

1 plus: beschouwing
2 plussen: overzicht

Alle onderwerpen worden in ieder geval op niveau 1 aan de orde.
Een zwart naar boven wijzend driehoekje geeft aan dat een onderwerp ook op een hoger niveau aan de orde komt.

De zwarte naar links en rechts wijzende gesloten driehoekjes in het midden van het scherm zijn links naar de volgende pagina van hetzelfde onderwerp op hetzelfde niveau.

Teksten met een gestippelde onderstreping zijn links en/of tooltips.

In het geval van een link wijzigt tevens de achtergrondkleur.